COLUMN | Jij ruikt dingen die er niet zijn

‘Jij ruikt dingen die er niet zijn,’ zegt Geert regelmatig tegen me. En dat kan twee dingen betekenen: óf Geert is een man die niks vindt stinken (behalve Nibbits urine, maar daar kun je kernbommen van maken) óf mijn neus doet het – in tegenstelling tot mijn oren en ogen – bijzonder goed. Feit is dat ik dingen beter ruik dan Geert. Gelukkig ben ik de beroerdste niet en vertel ik hem gewoon van alles over wat ik allemaal ruik.

COLUMN | We hadden zin in pizza, dus we kochten een oven

oven

De dag voordat we onze geliefde platenspeler haalden, stond Geert ook al bij de Mediamarkt (niet gesponsord, jonguh). Onze oven was namelijk al een tijdje kapot (lees: hij deed anderhalf uur over het opwarmen…) en dan pas merk je hoe vaak je dat ding wel niet gebruikt. Héél vaak, in ons geval. Ik miste de lasagne, de zelfgemaakte pizza’s en natuurlijk kreeg ik – als keukenkneus en kookhater – nét zin om iets lekkers te bakken toen de oven stuk was. Zul je altijd zien. Er moest dus een nieuwe komen.

We hadden een combi magnetron-oven ding, maar dat beviel voor geen meter. Het blijkt dus super onhandig te zijn als je oven ronddraait (alles blijft vast zitten en dat communiceert die oven echt niet even met je, dus daar kom je pas achter als het brandalarm af gaat). Daarbij deed het lampje het al na een halfjaar niet meer en kapten de knopjes er ook ineens mee. Kortom: die kreeg een enkeltje vuilnisbelt. En healthy als we zijn, besloten we dat we géén magnetron meer hoefden. Want, die gebruikten we toch nooit en ongezonde straling (nee, daar heb ik absoluut geen verstand van, ik roep ook maar wat) enzo. We moesten maar gewoon nooit meer vergeten het vlees eruit te halen, vonden we.

oven

Toen we echt zin in pizza kregen, hadden we twee keuzes: OF we maakten ons debuut op Thuisafgehaald.nl (nog steeds niet gesponsord) OF er moest een nieuwe oven komen. En dan wel NU want we hadden honger. En dus vertrok Geert naar de Mediamarkt en bleef ik thuis op de net aangestoken kaarsjes letten (ja, hoor eens, het kost me vijf minuten om al die krengen aan het steken en ik laat ze écht niet aan als we niet thuis zijn, want ik heb het huis laatst al bijna in de fik gestoken, maar da’s een heel ander verhaal). Een halfuur later lag de pizza in de oven. Top.

Het werd een heel schattig retro mini oventje, waar maar twee halve pizza’s tegelijkertijd in kunnen (boven elkaar in een stapelbedje). Hij heeft drie draaiknoppen en that’s it en ik beloof plechtig er nu altijd meteen een doekje door te halen als we klaar zijn, want mijn hemel, een oven schoonmaken is een hel. Inmiddels heb ik er al een bananenbrood (lekker), gezonde chocolademuffins (te eten, maar miste echt drie scheppen suiker) en super ongezonde vanille muffins met stukjes crunchy witte chocolade (SUPER LEKKER, duh) in gebakken. En die magnetron? Tja, die misten we pas toen Geert met een zakje popcorn in zijn handen stond…

Volg mij op BloglovinTwitterFacebook & Instagram voor dagelijkse updates!

COLUMN | Artistieke teennagels

Het is half één ’s middags. Ik heb zojuist mijn favoriete lunch klaargemaakt: bruin brood met 2 gebakken eitjes. En stiekem nog wat kaas ertussen, ondanks dat #yolo een verboden woord is in huize Kuit-vanWoesik. Terwijl ik zoals afgesproken mijn gebruikte koekenpan richting Geert schuif voor zijn wentelteefjes (want: geen vaatwasser), loop ik al lullend alvast richting de bank met in de ene hand mijn broodjes en in de andere hand een glaasje water. En wat er dan fout gaat, mensen, ik heb geen idee, maar één ding weet ik wel: ik ben abnormaal goed in deze beweging.

Voor ik het goed en wel door heb, lig ik kermend op de bank. De pijn is zelfs zo erg dat de tranen ervan in mijn ogen springen. Op wonderbaarlijke wijze heb ik nog wel mijn eitjes netjes op de salontafel weten te planten en dit keer eens geen water geknoeid. Ik houd mijn voet vast (alsof dat helpt) en wacht totdat de hulptroepen op komen draven. Er gebeurt niks. ‘Jij laat me ook gewoon liggen, hè!’ kerm ik. Verbaasd verschijnt er een blonde krullenkop om de keukendeur. ‘O, ik dacht dat het een grappig toneelstukje was. Heb je echt pijn?’ Even later buigt meneer zich over mij heen. ‘O, je huilt. En er is zelfs bloed! Wat was dit keer het obstakel? De stoelpoot?’ Ik trek mijn lelijkste gezicht. Geert grijnst en loopt weer terug naar de keuken. Twee seconden later is hij terug met een pleister, komt erachter dat hij hem niet bijster intelligent om mijn kleine teen verbindt en gaat er nog één halen. ‘Ik heb echt PIJN.’ zeg ik dramatisch. ‘Serieus. Ik denk dat ‘ie gekneusd is.’

Het is namelijk niet dat Geert een ongevoelige lullo is. Nee, ik stoot gewoon veel te vaak mijn tenen. Als je goed kijkt naar de foto hierboven, zie je dat mijn grote teennagel in een golfje geknipt is. Dat deed ik niet om artistiek te zijn, ik heb ze gewoon te vaak gestoten. (Ze, ja, want m’n andere grote teennagel ziet er precies hetzelfde uit.) Ik kom elke week wel onverklaarbare blauwe plekken tegen, die dan precies op de hoogte van de hoek van de tafel blijken te zitten. Geert houdt intussen de score bij: tegen welke voorwerpen heb ik me al gestoten? Sinds vorige week kan ik daar ook de trap bij optellen, waar ik serieus een stuk teennagel vanaf kon schrapen.

O, en de boosdoener? Dat was trouwens de bijna onzichtbare poot van de bank. Maar misschien wordt het eens tijd voor nieuwe meubels, want ik heb zo ongeveer alles al gehad.

Volg mij op BloglovinTwitterFacebook & Instagram voor dagelijkse updates!

Huisje, boompje, beestje, CROCS.

Sinds eind december wonen Geert en ik in een echt grote mensenhuis. Inclusief schuur, zolder en veel te grote tuin. Het huisje was dus binnen! Vanwege die eerder genoemde veel te grote tuin, kregen we het boompje er ook gratis bij. Sinds donderdag is er dan ook eindelijk een beestje. Maar daarna begon de ellende.

Omdat we weken bezig waren geweest om een enigszins fatsoenlijk grasveldje te zaaien, moest er ook een grasmaaier kopen. Nou mensen, ik kan je vertellen, als je bezig bent met het uitzoeken van een elektrische grasmaaier en een streamer, dan voel je je toch een partijtje OUD. Allemachtig. Toen ik Geert ’s middags over het grasveldje zag scheuren (nou ja, eerder onhandig zag doen met het snoer, om er maar niet overheen te maaien), moest ik even keihard lachen. Een grasmaaier.

Wist ik veel dat het nog veel erger zou worden. Gisteren stonden we in de Aldi en zei Geert ineens: ‘Crocs. Dié zijn handig.’ Eerst viel mijn mond open. Ik dacht meteen aan mijn schoonvader, die een hele verzameling Crocs bezit en bijna niks anders draagt. ‘Nee, echt,’ ging hij verder. ‘Voor als we in de tuin werken of even Nibbit willen halen voor een knuffelsessie.’

Kijk, daar had hij een punt. Ik loop de hele tijd te hannesen met m’n schoenen als ik Nib even wil halen. Niet handig. Maar Crócs? Echt, ik had niet gedacht dat ik zo ver zou zinken. Maar nu staan ze dus bij de deur, hè? Een paar zwarte voor Geert en roze voor mij. De aftakeling is begonnen. Waar eindigt dit, jongens? Wanneer houden jullie me tegen?

En lékker dat ze zitten…

Volg mij op BloglovinTwitterFacebook & Instagram voor dagelijkse updates!

REISCOLUMN | Mr Zika, de koning van de klederdracht. (En van de smerige koffie.)

‘Relax. In Serbia, people relax.’ Dat zijn de woorden waarmee Mr. Zika ons verwelkomt, nadat we letterlijk één stap buiten de auto hebben gezet. Relax zijn we, maar het blijken wel de enige vier woorden Engels te zijn die de beste man spreekt. Dat weerhoudt hem er echter niet van om ons tot zijn nieuwe beste vrienden te bombarderen. Hij trekt ons mee naar zijn tuin en gilt naar zijn vrouw dat er koffie moet komen. En sterke drank.

Toegegeven, Mr. Zika heeft een prachtig plekje. Het kamertje waar we slapen, stelt niet zoveel voor, maar de (beelden)tuin en het uitzicht daarentegen, zijn geweldig. Al snel komt moeder de vrouw met een dienblad aanzetten. Erop? Twee kopjes super smerige koffie met drie centimeter drap, 2 shotjes super sterkte honing likeur en 2 glazen limonade. Als Geert het teken geeft dat hij even niet kijkt, mieter ik de hele boel over het hek heen. Super bedankt voor de héérlijke koffie!

Het uitzicht bij Mr. Zika thuis

De uren daarna moeten we relaxen en krijgen we om de vijf minuten dochter Suzana aan de lijn, die wel een paar woorden Engels spreekt. Mr. Zika wil ons dolgraag meenemen naar het ‘dak van de wereld’, een mooi uitzichtpunt in de buurt, want daar moéten we foto’s maken. Wij willen natuurlijk wel mee! Het uitzicht is inderdaad prachtig, al neemt Mr. Zika onderweg het relaxen wel heel letterlijk. Op de terugweg moeten we uitstappen bij de geit van de buren om wat foto’s te maken. Want een geit, da’s bijzonder en die hebben ze vast niet in Nederland. Wij klikken braaf door. Bij thuiskomst bereidt hij een heerlijk Servisch maal voor ons: schapenpoten met veel groenten en brood.

Het uitzicht bij Mr. Zika thuis

Op een gegeven moment valt zijn oog op de Servische klederdracht die al dertig jaar op de houten palen gespijkerd zit. Eén blik op mij en hij heeft zichzelf een nieuw levensdoel gegeven. Hij trekt me enthousiast van de bank, begint in het Servisch te ratelen en trekt de kleding van de paal. Even dertig jaar aan stof eruit kloppen en hij is er klaar voor. Over mijn eigen kleding heen, bindt hij de Servische klederdracht vast. Ik mag er dan misschien uitzien als een olifantje met al die lagen stof, maar stralen doe ik wel. Wat een lieve man! Die zweetlucht in het shirt vergeet ik voor het gemak maar even.

Het uitzicht bij Mr. Zika thuis

De volgende dag vertrekken we op onze beruchte tocht met de 6 Servische bergbeklimmers en de slangen, maar niet voordat we koffie hebben gedronken met de Nederlandse buren. De buren zelf hebben ook geen idee hoe onder die smerige koffie uit moeten komen én waarom ze precies met ons moeten praten, maar ach. We vinden er in ieder geval uit waarom ons water aan het begin zo bruin was. De waterleiding was afgesloten en speciaal voor ons – gasten – hebben ze de boel een beetje sneller dan normaal weer aangesloten. Graag gedaan, buurvrouw.

Het ‘dak van de wereld’

Bij de betaling heb ik geen idee welk bedrag Mr. Zika noemt voor het avondeten van de dag ervoor en voordat hij voor de driemiljoenste keer Suzana gaat bellen (daar hebben we helemaal geen tijd voor), trek ik de complete inhoud maar uit m’n portemonnee. Met stralende ogen trekt Mr. Zika iets teveel briefgeld naar zich toe. Wij vinden het prima. Gun die man z’n geld. Hij is het dubbel en dwars waard.

Volg mij op BloglovinTwitterFacebook & Instagram voor dagelijkse updates!